Home
Augustijns Instituut Augustinus' Leven Augustinus' Werken Contact
Augustijns Instituut > Webarchief > Artikelen > C23 God is niet te bevatten
zoeken
printen

C23 God is niet te bevatten

Bij God in de buurt komen  

Augustinus preekt over die nauwelijks te begrijpen openingszin in het evangelie volgens Johannes: "In het begin was het Woord, en het Woord was bij God en het Woord was God.” Eerst maakt hij duidelijk dat we ons geen fysieke voorstelling moeten maken van het Woord: het Woord is 'een vorm die niet gevormd is, maar vorm geeft aan al wat gevormd is. Een onveranderlijke vorm, zonder fouten, zonder gebre­ken, buiten tijd en ruimte. Het overvleugelt alles, het steekt boven alles uit. Het vormt een fun­da­ment onder alles'.

De zegen van God de Vader door Luca Cambiaso,  1565Zo’n moeilijke tekst dwingt ons uit te zoeken wat ons onbegrip in de wegstaat. 'En dan hunkeren we naar het juiste begrip van het onver­anderlijk Woord en worden we daar beter van. Het Woord heeft er geen belang bij als je het leert kennen. Het blijft wat het is als je er bent, het wordt er niet slechter van als je weggaat en niet beter als je terugkomt. Het blijft zichzelf maar ver­nieuwt al­les.'


We moeten ons van het scheppende Woord dus geen ruimtelijke voorstelling maken. We moeten het denken. 'God is het domein van ons verstand, Hij moet begrepen worden.’ Maar ook dan komen we denkkracht te kort. Zoals we een voorwerp nooit met onze ogen van alle kanten tegelijk kunnen zien, zelfs niet als we het ronddraaien, zo kunnen we het Woord nooit in zijn geheel doorgronden.  God ook maar enigszins nabij te komen met ons verstand is al een groot geluk. Hem echt bevatten is volstrekt onmo­gelijk.' En toch willen we hem leren kennen omdat ons dat goed doet: 

God is niet te bevatten

[5] … Welk hart kan dan God in zijn geheel zien en waarnemen? Het is voldoende Hem enigszins nabij te komen, als we kijken met een zuiver hart. En als we Hem nabij komen doen we dat op een im­materiële, geestelijke manier; Hem in zijn ge­heel bevat­ten kunnen we niet, ook niet als we kijken met een zuiver hart.

Wij mensen worden gelukkig door met ons hart dichtbij te komen bij wat altijd gelukkig is: dat is de eeuwige gelukzaligheid. Het is de bron van leven voor een mens, het eeu­wig le­ven; de bron van wijsheid voor een mens, de volmaakte wijsheid; de bron van verlichting voor een mens, het eeuwigdurend licht. U ziet, door dicht bij God te komen wordt u wat u niet was, terwijl Hij door uw nabijheid niet verandert. Ik bedoel hiermee dat God niet groter wordt door­dat iemand Hem leert kennen, maar wie Hem leert kennen groeit wel.

sermo 117, 5 in: De weg komt naar u toe. 

 

 

 

 

kleiner A  -  A groter
Sitemap
21 Mei 2019